België publiceerde op 7 augustus 2026 de Wet van 22 juli 2026 in het Belgisch Staatsblad, waarmee Richtlijn (EU) 2024/1619 (CRD VI) gedeeltelijk in nationaal recht wordt omgezet. De wet brengt ESG-risicobeheer, versterkte toezichtsbefvoegdheden, administratieve sancties en regels voor vestigingen uit derde landen naar Belgische kredietinstellingen, beleggingsondernemingen en (her)verzekeraars die onder toezicht staan van de Nationale Bank van België (NBB) en de FSMA. De Europese omzettingstermijn verliep op 10 januari 2026, waardoor België laat implementeert, na Luxemburg dat dezelfde richtlijn al omzette op 5 mei 2026.
De wet is een gedeeltelijk omzettingsinstrument. Artikel 2 neemt CRD VI op in het Belgisch recht wat betreft toezichtsbefvoegdheden, sancties, vestigingen uit derde landen en ESG-risico's, en zet bovendien gedeeltelijk om de regels van de Europese enkelvoudige toegangspunt (Richtlijn (EU) 2023/2864 en Verordeningen (EU) 2023/2859 en 2023/2869), de concentratierisicoregels voor blootstellingen aan centrale tegenpartijen (Richtlijn (EU) 2024/2994), het prudentiële kader voor beleggingsondernemingen (Richtlijn (EU) 2019/2034) en Solvency II (Richtlijn 2009/138/EG). De CRD VI-prudentiële wijzigingen vormen de kern voor interne complianceteams.
| Mijlpaal | Datum |
|---|---|
| EU-omzettingstermijn voor CRD VI | 10 januari 2026 |
| Luxemburg zet dezelfde richtlijn om | 5 mei 2026 |
| België: koninklijke bekrachtiging van de wet | 22 juli 2026 |
| België: publicatie in het Belgisch Staatsblad | 7 augustus 2026 |
| België: standaard inwerkingtreding (10e dag) | 17 augustus 2026 |
Wat verandert er voor ESG-risicobeheer bij Belgische banken en verzekeraars?
Artikel 87a van CRD VI vereist dat instellingen ecologische, sociale en governance-risico's (ESG) identificeren, beoordelen en beheren, met inbegrip van fysieke en transitieklimaatrisico's, via hun interne governance, risicobeheer en prudentiële planning. Belgische banken en (her)verzekeraars moeten ESG-risico nu in hun kaders integreren en prudentiële transitieplannen opstellen, in lijn met de ECB-Gids over klimaatgerelateerde en ecologische risico's die de NBB al toepast op alle Belgische kredietinstellingen. De wet geeft de NBB de toezichtshouder om deze verwachtingen af te dwingen via het toezicht- en evaluatieproces (SREP) en klimaattresstests.
Voor Belgische groepen als BNP Paribas Fortis, KBC, Belfius en ING Belgium codificeert de wijziging grotendeels wat toezichthouders al verwachten, maar ze verhardt die verwachtingen tot bindend nationaal recht met sancties. Verzekeraars zoals AXA Belgium en Ageas vallen onder de parallelle prudentiële haak van Solvency II.
Welke toezichtsbefvoegdheden, sancties en regels voor vestigingen uit derde landen worden toegevoegd?
De wet versterkt de instrumenten en de governance van de NBB. Ze formaliseert de onafhankelijkheid van de NBB in een nieuw artikel 4/1 van de organieke NBB-wet van 1998, in navolging van artikel 130 VWEU, en verstrakt de governance: objectieve competentiecriteria voor benoemingen in het Directiecomité, een uitsluitingsperiode van een jaar voor leden van het Directiecomité en van zes maanden voor toezichtspersoneel voordat ze toetreden tot een onder toezicht staande entiteit, verplichte belangenverklaringen en beperkingen op de handel in financiële instrumenten uitgegeven door onder toezicht staande entiteiten.
Voor grensoverschrijdend toezicht actualiseert de wet het regime voor vestigingen uit derde landen, leunend op het concept 'vestiging van aanzienlijk belang' in artikel 3, 65 van de kredietinstellingenwet van 2014, en breidt ze informatie-uitwisseling in noodsituaties uit met de Europese Raad voor Systeemrisico's, de Europese Centrale Bank en resolutiecolleges. Ze breidt ook de bevoegdheden van de NBB op het gebied van administratieve sancties en toezichtsmaatregelen uit, met inbegrip van gegevensuitwisseling met collegiale bevoegde autoriteiten binnen het Europese systeem van financieel toezicht.
Wie moet actie ondernemen, en tegen wanneer?
De wet treedt in werking op de tiende dag na publicatie in het Belgisch Staatsblad, dat wil zeggen 17 augustus 2026, tenzij een bepaling een andere datum stelt. Belgische kredietinstellingen, beleggingsondernemingen en (her)verzekeraars onder toezicht van de NBB of de FSMA moeten de verplichtingen inzake ESG-risicobeheer, governance en prudentiële rapportage vanaf die datum als toepasselijk beschouwen, en zich voorbereiden op SREP-contact van de NBB over transitieplannen en klimaattresstests. De ESAP- en concentratierisicobepalingen raken voornamelijk de rapportage-infrastructuur en de modellering van tegenpartijrisico voor de grotere handels- en clearingsbanken.
Profiteer van deze realtime bewaking
Continue, per jurisdictie monitoring brengt dit soort nationale omzetting aan het licht vanaf het moment van publicatie in een officieel publicatieblad. Volgende stappen: bevestig of uw entiteit onder toezicht staat van de NBB of de FSMA en welke CRD VI-bepalingen al op u van toepassing waren, breng de hiaten in ESG-risico en transitieplan in kaart tegenover de bestaande verwachtingen van de NBB, brief de governance- en risicoteams over de nieuwe uitsluitings- en belangenconflictregels, en volg de toezichtsverwachtingen van de NBB voor de SREP-cyclus 2026.


